Legerkiosk

Nieuws uit kamp Seedorf

In de Legerkoerier van juni 1964 troffen wij een rubriek aan die het best omschreven kan worden als ‘even bijpraten over Seedorf’. Een soort geschreven journaal, maar dan zonder kopjes tussen de onderwerpen, want die worden praktisch allemaal aaneengeregen tot één verhaal. De titel: ‘Nieuws uit kamp Seedorf’.

Dat kamp was ondertussen al tien maanden in gebruik door Nederlandse militairen, en het was zeker niet voor het eerst dat dit blad aandacht besteedde aan de leef- en werkomstandigheden van onze troepen in Duitsland. Zo verscheen er in januari al een verslag over de allereerste kerstviering op de legerplaats.

Ook in juni was er nieuws te melden, want de Budel-Seedorf overeenkomst was voor de Duitse tv aanleiding om hier een documentaire over te maken. Met het accent natuurlijk op het onderdeel van de Bundeswehr dat in Budel was gestationeerd, maar er werd ook in Seedorf gefilmd. Helaas zijn de beelden hiervan, uitgezonden op 5 juli 1964 door het ZDF, niet terug te vinden.
Dan gaan we nu een kijkje nemen op de dagverblijven in de legeringsgebouwen, ook wel bekend als compagnies bars. Die schoten destijds als paddenstoelen uit de grond, en werden opgebouwd en ingericht door handige militairen met als doel het uitgaansgevoel van thuis na te bootsen. Dat werd omschreven als zelfwerkzaamheid van de soldaten die van de nood een deugd maakten, en met succes!

Bezigheden in vrije tijd

Wat vervolgens opvalt, is dat anno 1964 de hobby’s van sommige dienstplichtigen nogal opmerkelijk waren. Ergens kunnen we ons wel voorstellen dat bouwpakketten van miniatuur auto’s, vlieg- en vaartuigen redelijk goed in de markt lagen, maar dat gepriegel met lijm en kleine plastic onderdelen doet vermoeden dat het aanbod aan verstrooiing nog behoorlijk tekort schoot. En wat te denken van mannen die zich ’s avonds terugtrekken op hun kamer om kleedjes en kussens met Soedan-wol te knopen?

Maar het is een tijdsbeeld, vergeet dat niet! Jaren later werden er gelukkig nieuwe vrijetijdsbestedingen gecreëerd, variërend van paardrijden tot zweefvliegen. Deze pioniers baanden het pad…

De hobbywerkplaats, met v.l.n.r. soldaat Boer, soldaat1 Mols en soldaat1 Raaymakers

In het artikel uit 1964 wordt ook melding gemaakt van nieuwe straatnamen op de legerplaats, die allemaal verwant zijn aan Nederland. Lange Voorhout, de weg die aansluit op de hoofdpoort, is hier het bekendste voorbeeld van, maar met de nodige fantasie werden ook andere wegen en gebouwen benoemd. Soms met een vette knipoog zoals Nieuwspoort, waar de redactie van de Griffioen was gevestigd. Want ja, de oorsprong van ons brigadeblad dateert toch écht uit die prille beginperiode, hoewel de officiële start wordt gelinkt aan het jaar 1968. Niet helmaal terecht dus, maar vanaf dat moment verscheen het wel met grotere regelmaat.

Rest nog de aanleg van een camping bij Brauel, landelijk gelegen aan de oever van de Oste op drie kilometer afstand van de kazerne. Het plan werd bedacht en uitgevoerd door Nederlandse militairen, en eigenaar Johann Heins deed de toezegging het terrein te gaan voorzien van toiletten, wasgelegenheid en een kantine.
Overigens werd de inzet van onze jongens bij tal van andere burgerprojecten erg gewaardeerd. Zeer waarschijnlijk was de bouw van de camping het allereerste signaal dat die Nederlanders snel integreerden in hun gastland.

Bekijk het hier…

Klik hier voor pagina 1, en hier voor pagina 2 van het verhaal (openen in apart venster), zoals dit in juni 1964 in de Legerkoerier werd gepubliceerd.

Uit de collectie van kapitein b.d. Gerard Gaarthuis

naar top↑

retour-hoofdstuk

Advertenties